R e g i o

Boedapest

Voetbaltriptechnisch valt er in de hoofdstad van Hongarije weinig te klagen. Je vliegt er bijna voor nop naar toe, het bier is zowat gratis en op de koop toe mag je ronddwalen in een paar heerlijk vervallen dan wel opgekalefaterde stadions.

We herkennen dat gevoel wel, met drie verloren WK-finales in onze rugzak, maar in Hongarije zit de weemoed nog flink wat dieper. Ooit lag de voetbalwereld aan de voeten van de 'Magische Magyaren', tegenwoordig kan het bijvoeglijk naamwoord vervangen worden door 'Tragische'. Plaatsing voor WK's, EK's en de Champions League is eerder uitzondering dan regel.
Boedapest is trots op zijn grandeur, badhuizen en prachtige vergezichten, maar op voetbalgebied wordt nog steeds geleund op de gouden jaren van Puskás, Kocsis, Hidegkuti en Czibor; spelers die het onverslaanbaar geachte Engeland in 1953 met 6-3 vernederden in het eigen Wembley en een jaar later in Bern de wereldtitel hadden moeten binnenslepen ten koste van West-Duitsland, maar 'Het Wonder van Bern' (3-2 voor de Duitsers) niet konden voorkomen.
Wie van oude Oostblokbakken houdt, gaat snel naar Boedapest, want ze gaan in rap tempo tegen de vlakte om vervangen te worden door kleinere, modernere stadions.

Boedapest

Hongarije

Vliegveld: Budapest Airport
Plaats: Boedapest
IATA code: BUD
www.bud.hu

Timezone
De timezone van Boedapest is Europe/Budapest.

Betaalmiddel
In Hongarije is de officiële munteenheid de Forint. Valutacode HUF.

Landnummer
Het landnummer is het nummer dat je gebruikt voor internationale telefoongesprekken. Om vanuit Nederland een telefoonnummer in Hongarije te bellen of sms’en toets je voor het telefoonnummer +36 of 0036.

Honvéd

Bozsik József Stadion

Waar een legende groot werd
SNEL NOG DE STAANTRIBUNE OP

Veel in Boedapest is vernoemd naar de Johan Cruijff van Hongarije. Het nationale stadion draagt zijn naam, er is een sporthal, een school, een standbeeld en een bar, maar voor het echte Ferenc Puskás-gevoel moet je naar het stadion van Honvéd aan de, jawel, Puskás-straat. Daar werd in 1939, in de tijd dat de club nog Kispesti FC heette, een klein, mollig, twaalfjarig mannetje ingeschreven luisterend naar de naam Ferenc Puskás. Nog voor zijn zeventiende verjaardag debuteerde hij in het eerste elftal. Ook na de naamswijziging in 1949, toen het legerde vereniging adopteerde, bleef Puskás de club trouw. Puskás vluchtte in 1956 - na de door de Sovjets ruw de kop ingedrukte opstand - naar Spanje, waar hij gloriejaren beleefde bij Real Madrid.
Het stadion van zijn eerste club draagt de naam van oud-ploeggenoot Bozsik, in de burt zijn aandenkens aan beide oud-spelers te vinden, alsmede een muur vol Honvéd-schilderingen. Er is een tribune met een moderne overkapping; een plek dar kost een tientje. Indrukwekkend zijn de heerlijk plompe Oostbloklichtmasten. Voor uitfans is er een ouderwetse staantribune waar het gras door het beton komt, en met fabrieken op de achtergrond. In 2019 gaat het tegen de vlakte, dus wacht niet te lang.

Stadioncapaciteit: 9.500
Puskás Ferenc u. 1-3, Boedapest
www.honvedfc.hu


De Hongaarse bond houdt kennelijk niet zo van ver vooruitplannen en vult het competitieschema pas zo'n zes weken vantevoren in. Ruim daarom een beetje marge in bij het plannen van je trip.

Kerkhof vol magiërs
SINT-STEFANUSBASILIEK

Wie het graf van Ferenc Puskás wil bezoeken -  de vedette stierf in december 2006 - dient zich te vervoegen bij de Sint Stefanusbasiliek  in het centrum van Boedapest aan de Szent István tér 1. Bij de uitvaartmis was destijds bijna de hele voetbalwereld present, waaronder delegaties van Real Madrid, UEFA en FIFA en sterren als Beckenbauer, Platini en Charlton. De uitvaart werd live uitgezonden op de Hongaarse tv. De rooms-katholieke kerk herbergt niet alleen de laatste rustplaats van Puskás, maar ook van andere sterren van het grote Hongaarse elftal van toen, zoals Grosics en Kocsis.


Met dank aan oom Öcsi
DE PUB VAN PANCHO

De Puskás Pancho Sport Pub aan de Bécsi út 56 in Boedapest is een bar-restaurant dat helemaal in het teken staat van de vedette van weleer. De zaak is behangen met foto's en souvenirs van 'Pancho', zoals zijn bijnaam luidde toen hij bij Real Madrid speelde. In het oude gebouw dat dateert uit de achttiende eeuw kunnen Puskás' favoriete Spaanse en Hongaarse gerechten worden genuttigd, waarvan de ingrediënten door de chef-kok worden ingeslagen bij de lievelingswinkels van de vroegere aanvaller. De herinneringen zijn beschikbaar gesteld door zijn oom Öcsi.

Local legend

Ter hoogte van Bécsi út 57 in stadsdeel Boeda is Ferenc Puskás in brons gegoten. Hij jongleert keurig in het pak met de bal, terwijl drie jeugdige fans ademloos toekijken.

Ferencváros

Groupama Aréna

Roemrucht verleden
DE GROENE HEL

De cijfers liegen er niet om: Ferencváros is verreweg de succesvolste club van Hongarije. Dit seizoen hoopt de club de derde ster op het groen-witte shirt te mogen toevoegen, de beloning voor landstitel nummer dertig. Een reeks die begon in 1903 en die als hoogtepunt het seizoen 1931-1932 kende, toen de club zonder puntverlies kampioen werd. 
Ook internationaal timmerde 'Fradi' (afgeleid van Franzstadt, de Duitse naam voor het stadsdeel Ferencváros) aan de weg. In 1965 werd de Jaarbeursstedenbeker, de voorloper van de UEFA Cup, veroverd en in 1975 stond de club in de finale van de Europa Cup II. In 1995 plaatste Ferencváros zich als eerste Hongaarse club voor de Champions League. In dat jaar maakte Europa ook meteen kennis met de duistere kant van de harde kern van de fans. Tijdens een Champions League-duel met Ajax werden de balbehandelingen van de donkere spelers van de tegenpartij begeleid door oerwoudgeluiden. De bezoekers reageerden op de juiste manier: door de hulpeloze thuisclub afgetekend met 5-1 te verslaan.

Veel is daarna niet meer vernomen van de recordkampioen in Europa. De pogingen om het kampioenenbal te halen, strandden reeds in de kwalificatie; de laatste keer in 2016 toen zelfs het nietige Partizan Tirana uit Albanië te sterk bleek.
'We zijn in de hel geweest en hebben 'm meegebracht', luidt het motto van de harde kern, bijgenaamd 'De groene monsters', van wie bij een deel het gedachtegoed ronduit rechtsextremistisch is. Rond voetbalwedstrijden barst het van de politie, de er niet voor terugdeinst zelfs trams te laten stoppen om die grondig te onderzoeken op wapens of steekgerei. De slechte resultaten ten spijt blijft Ferencváros onverminderd populair in Hongarije, te vergelijken met de uitstraling die Feyenoord bij ons heeft. Het groen-witte bolwerk kun je terugvinden langs de Üllöi út, de weg waaraan de club al sinds 1911 is gehuisvest.
Inmiddels is het al aan zijn derde stadion bezig. Sinds 2014 wordt er gevoetbald in de Groupama Aréna, een multifunctioneel onderkomen dat ook dienstdoet als poppodium. Sterker nog, de meeste toeschouwers werden niet geteld bij een wedstrijd van Ferencváros, maar bij een concert van Depeche Mode.
Vooral de derby tegen Újpest wordt intens beleefd, de politie controleert vooraf met gasmaskers in de metro en een online besteld kaartje kan alleen met ID-bewijs worden afgehaald.

Stadioncapaciteit: 23.700
Üllöi út 129, Boedapest
www.fradi.hu/en

Eet voorafgaand aan de wedstrijd exquise goulash in restaurants als Bestia, Onyx en Baltazár, want in de stadions is het vaak behelpen met hotdogs als meest voedzame maaltijd.

Vergeten drama
DE OOGAPPEL VAN MONIZ

Problemen met Ferencváros-hooligans? Zeg dat je de Nederlandse trainer Ricardo Moniz kent en je krijgt bier in plaats van klappen. Moniz streek in 2012 neer in Boedapest en werd na zijn eerste succesvolle jaar op handen gedragen. Nog steeds roepen de fans in tijden van crisis om zijn terugkeer. Het leidde tot jaloezie binnen de club, zozeer dat een bestuurder Moniz op zeker moment in elkaar wilde laten slaan. Moniz' tweede seizoen werd getekend door het drama rond verdediger Akeem Adams, afkomstig uit Trinidad en Tobago. Hij kreeg op 23 september 2013 thuis een hartstilstand, met amputatie van een been tot gevolg. Moniz bezocht hem als enige dagelijks , vocht voor een betere behandeling van zijn oogappel. Ferencváros ontsloeg de geboren Rotterdammer in die periode. Adams overleed op 30 december 2013 op 22-jarige leeftijd. Er is nooit een blijvende herinnering voor Adams aangebracht, het is alsof hij is weggevaagd uit de geschiedenis. Wie toch even bij de onfortuinlijke voetballer wil stilstaan, doet dat voor de Városmajori Szivklinika, de hartkliniek van Boedapest waar Adams de laatste maanden voor zijn leven vocht.

Groene Adelaars
SPEUREN NAAR EEN ROEMRUCHT VERLEDEN

De Groupama Aréna is een modern complex. In weinig doet het nog denken aan zijn voorganger, het Albert Flórián Stadion, met achter een van de doelen het standbeeld voor oprichter Ference Springer, dat nu terug te vinden is op een van de hoeken van het huidige stadion. Bij de hoofdingang is clublegende Flórián Albert in steen gevangen. Verder staat er een afzichtelijke stalen adelaar met gespreide vleugels, naar de bijnaam 'Groene Adelaars'. Op het nabije fonkelnieuwe trainingscomplex Népliget zijn de hoofden van alle Ferencváros-iconen vereeuwigd in brons. Daar trainen ook olympische waterpolokampioenen.

Local legend 

De elegante aanvaller Flórián Albert (1941-2011) was in 1967 de eerste, en tot nu toe enige, Hongaar die uitgeroepen werd tot Europees Voetballer van het Jaar. Zijn totale voetballeven speelde zich af bi Ferencváros, de club waarvoor hij tussen 1958 en 1974 in 351 duels uitkwam. Als international vergaarde hij 75 interlands, waarin hij 31 keer scoorde. De uitvaart van 'Császár' ('Keizer') werd rechtstreeks uitgezonden op tv.

In het museum, te vinden in het stadion, staat tussen alle prijzen in ook een trofee die bezoekers doet terugdenken aan de hoogtijdagen van het Hongaarse voetbal. Tot twee keer toe (in 1928 en 1937) won Ferencváros de Mitropacup, in zekere zin de voorloper van de verschillende Europacups die vanaf de jaren vijftig hun intrede deden. Omdat het nooit te laat is om een succesje te vieren, wip je daarna het best even langs bij het nabijgelegen café Szöglet Presszó voor een Fradi-biertje, exclusief gebrouwen voor fans van Ferencváros.

Újpest

Ferenc Szusza Stadion

Waakvlammetje
VOORAL LEUK VOOR DE STADIONFETISJISTEN

Twee sterren sieren het majestueuze blauw-witte shirt van Újpest FC, het vroegere Újpest Dósza. Onder die naam maakte de oudste club van Hongarije (1885) furore to ver over de landsgrenzen, maar het vuur is allang verworden tot een waakvlammetje. De laatste landstitel, de twintigste, dateert alweer van twintig jaar geleden; daarna zijn de successen schaars geworden.
Het goede nieuws voor de stadionfetisjisten onder ons is dat het complex oorspronkelijk stamt uit 1922 en dat er, in tegenstelling tot bijna alle clubs in Boedapest, geen plannen zijn voor nieuwbouw. Dus kan er nog volop genoten worden van het Ferenc Szusza Stadion, vernoemd naar de all-time topschutter van de ploeg, al werd het al een aantal keer gerenoveerd. Dat was nodig ook, want in de Tweede Wereldoorlog werd het meeste hout geroofd en in 1945 raakte het overstroomd.
Het stadion van Újpest (letterlijk: nieuw-Pest) ligt op de linkeroever van de Donau en is vanuit het centrum gemakkelijk bereikbaar. Het kopen van een kaartje is ook een koud kunstje, daar thuiswedstrijden van Újpest doorgaans maar 3.000 toeschouwers trekken. Voor de zekerheid wel even het paspoort meenemen.

Stadioncapaciteit: 13.501
Megyeri út 13, Boedapest
www.ujpestfc.hu
www.labdarugo.be/Szusza.htm

Tijd over? Dan is een bezoek aan gevallen topclub MTK (Magyar Testgyakorlók Köre, twaalf kilometer zuidelijker) de moeite waard. Het nieuwe stadion is vernoemd naar Nándor Hidegkuti, nog zo'n Hongaarse voetballegende. Fun fact: in het oude stadion dat eerder op deze plek stond, werd de voetbalgil Escape to Victory opgenomen, met Sylvester Stallone, Pelé, Bobby Moore en, jawel, Co Prins.

www.mtkhungaria.hu

Puskás Akadémia FC

Pancho Aréna

Presentje van de premier
MEER KERK DAN STADION

Je moet er even de stad voor uit, maar dan heb je wel wat. Veertig kilometer ten westen van Boedapest ligt het slaapdorpje Felcsút, amper goed voor 2.000 inwoners. Tien keer per dag rijdt er vanuit Boedapest een bus naartoe, de reistijd bedraagt een uur. Waar dat allemaal goed voor is? In dit dorpje is een stadion verrezen waar de plaatselijke bevolking meermaals in past en dat ontsproten is aan het rechts-radicale brein van Viktor Orbán, sinds 2010 (opnieuw) premier van Hongarije.
Omdat Orbán opgroeide in dit dorp, vond hij het een goed idee om juist hier een stadion van 12,4 miljoen euro neer te zetten. Kwade tongen beweren dat het complex bekostigd is met EU-gelden. Voetbalfan Orbán wijst echter alle kritiek van de hand en wil op zijn manier "het Hongaarse voetbal weer groot maken", zoals hij zelf zegt.
En dus staat er in het nietige Felcsút een complex dat meer wegheeft van een kerk dan van een stadion. Met prachtige houten gewelven, koperen torentjes en een imposant dak. Een bijzondere gewaarwording. De Pancho Aréna (naar Puskás' bijnaam in Spanje) biedt onderdak aan Puská Akadémia FC, dat werd opgericht in 2005 en onlangs promoveerde naar de hoogste divisie.

Stadioncapaciteit: 3.500
Rákóczi ú., Felcsút
www.pfla.hu
www.archdaily.com/538826/panch-arena-tamas-dobrosi-doparum-architects

Off the pitch

Badhuizen
ONTSPANNING NA INSPANNING

Even ontspannen na een intense voetbaltrip? Of even genoeg van het shoppen op de Váci Utca? Dan is een bezoek aan een van de vele openbare badhuizen aan te bevelen. Een echte aanrader is bijvoorbeeld het in art-deco-stijl uitgeruste badhuis Gellért, dat elke ochtend om zes uur stipt de deuren opent. Aan Gellért zit ook een prachtig hotel vast, met een fenomenaal uitzicht over de Donau. Maar ook het badhuis Széchenyi (het grootste medicinale kuuroord van Europa) en Rudas Fürdö, waarvan een deel van het gebouw stamt uit de tijd van de Ottomaanse overheersing, zijn de moeite van het baden meer dan waard. Een uurtje in zo'n helend bad doet wonderen. Ticketprijzen beginnen rond de tien euro.

Island of Freedom
FAMEUS FESTIVAL

Iedere zomer vormt Boedapest het decor voor een van de grootste festivals ter wereld. Dan vindt op het eilandje Óbuda, midden in de Donau, het Sziget-festival plaats. Naast optredens van artiesten is er op het Island of Freedom ook plek voor theater, sport, kunst en andere culturele uitingen. Echte party animals halen elke nacht door. Het fameuze festival, dat muziekliefhebbers trekt vanuit de hele wereld, staat elk jaar op het programma in augustus. Vele internationale supersterren maken dan hun opwachting. Ideaal in combinatie met een mooie voetbalpot! Reistip: pak de rechtstreekse trein vanuit Amersfoort naarr Boedapest, de reis duurt ongeveer twintig uur.

Sjiek en shabby
BIERWALHALLA

Boedapest kent een eeuwenoude biertraditie, die zich uit in de talloze cafés die de stad telt. Bijkomend voordeel is dat de gemiddelde bierprijs zich op een van de laagste niveaus van Europa bevindt. Momenteel doet een halve liter gemiddeld 1,31 euro. Hoewel er in Boedapest fantastisch ingerichte art-decocafés bestaan, is het ook leuk om je geluk, en het bier, eens te beproeven in een zogenaamde ruïnebar. Vaak gesitueerd in leegstaande of gekraakte panden, soms zelfs zonder dak. Ga bijvoorbeeld eens langs bij Szimpla Kert, een oude kachelfabriek die de beschikking heeft over een fraaie buitentuin. De vetste chillplaats vind je in een oude Trabant. Ook leuk: Úri Muri, Élesztö (met zestien Hongaarse bieren op de tap) en Fogasház.

GOUDEN TIP

Wilfried de Jong

"Op de kettingbrug in Boedapest stond ik in 1999 op een van mijn jeugdhelden te wachten: Attila Ladinsky, de Hongaar die in 1971 bij Feyenoord in de spits stond. Hij had toen het uiterlijk van een zigeuner; halflang zwart haar, bontkraag, goede vriend van alcohol en snelle bolides. Op het veld een mooie, snelle linkspoot. Echt slagen deed hij niet.
Attilla verontschuldigde zich op de brug, hij was een uurtje te laat vanwege het verkeer. Nog steeds een matje in zijn nek, in zijn gezicht littekens van botsingen op het veld en op de weg.
'Eerst maar eens wat eten', zei hij. Een rondgang langs cafés en vage hotels volgde. In het stadje Tatabánya - waar Ladinsky vroeger ook speelde - gaven we József Kiprich (óók een matje) een handje na een modderwedstrijd. Op de houten tribune spuugden we de schilletjes van zonnebloempitten uit.

Als ik de naam Boedapest hoor, denk ik aan de Kettingbrug en aan Attila."

Vrienden van VanBastisch

Smaakamer Lavendel
Soccerway
Staantribune
Voetbalshop
Santos